Bij het beoordelen van een inkomensbelegging worden uitkeringsrendement versus totaalrendement soms als hetzelfde gezien. Dat is begrijpelijk: een maandelijkse of kwartaaluitkering is zichtbaar en concreet. Toch vertelt die uitkering slechts een deel van het verhaal. Het totale beleggingsresultaat wordt ook bepaald door de ontwikkeling van de fondswaarde, kosten en eventuele valuta-effecten.

Uitkeringsrendement versus totaalrendement: de basis

Het uitkeringsrendement geeft aan hoeveel een belegging periodiek uitkeert in verhouding tot de waarde of aankoopprijs van de belegging. Zo’n uitkering kan afkomstig zijn uit ontvangen dividend of rente, maar afhankelijk van het fonds ook uit gerealiseerde vermogenswinsten of het fondsvermogen zelf.

Het totaalrendement kijkt breder. Daarbij worden zowel de ontvangen uitkeringen als de verandering van de waarde van de belegging meegenomen. In vereenvoudigde vorm:

Totaalrendement = uitgekeerd inkomen + koersrendement − kosten

Bij beleggingen in andere valuta kunnen daarnaast wisselkoersbewegingen invloed hebben. Ook belastingen en persoonlijke omstandigheden kunnen bepalen wat een belegger netto overhoudt.

Een hoge uitkering kan dus samengaan met een positief totaalrendement, maar ook met een vlak of negatief totaalrendement. Als een fonds bijvoorbeeld uitkeert terwijl de intrinsieke waarde daalt, kan een deel of zelfs het geheel van de ontvangen kasstroom worden tenietgedaan door koersverlies.

Waaruit bestaat een periodieke uitkering?

De herkomst van een uitkering is belangrijk om te begrijpen wat het uitkeringspercentage werkelijk zegt. Een fonds kan inkomsten ontvangen uit onder meer:

  • dividend op aandelen;
  • rente op obligaties of andere vastrentende beleggingen;
  • premies uit optiestrategieën;
  • gerealiseerde koerswinsten;
  • terugbetaling van een deel van het belegde kapitaal.

Niet iedere uitkering is daarmee volledig te beschouwen als nieuw verdiend inkomen. Een kapitaaluitkering kan bijvoorbeeld betekenen dat een deel van de fondswaarde aan beleggers wordt teruggegeven. Dat hoeft op zichzelf niet ongunstig te zijn, maar het vraagt wel om een zorgvuldige beoordeling van de waardeontwikkeling naast de uitgekeerde bedragen.

Bij GGR Income Fund spreken we daarom bewust over een maandelijkse kapitaaluitkering. Onze doelstelling is een uitkering van circa 10% per jaar. Dit is een doelstelling en geen garantie. De uitkering kan worden aangepast wanneer marktomstandigheden, inkomsten of de ontwikkeling van het fondsvermogen daartoe aanleiding geven.

Ex-dividend en de fondswaarde

Bij een reguliere dividenduitkering wordt de waarde van een aandeel of fonds op de ex-dividenddatum doorgaans neerwaarts aangepast met ongeveer het bedrag van de uitkering, los van andere marktbewegingen. De belegger ontvangt geld, maar een vergelijkbaar bedrag verlaat de onderneming of het fonds.

Daarom ontstaat door een uitkering niet automatisch extra vermogen. Voor een volledig beeld moeten de kasstroom én de resterende beleggingswaarde samen worden bekeken.

Uitkeringsrendement versus totaalrendement berekenen

Voor een eenvoudige vergelijking kunnen beleggers drie begrippen onderscheiden: uitkeringsrendement, koersrendement en totaalrendement.

Uitkeringsrendement of dividendrendement berekenen

Wie het dividendrendement wil berekenen, deelt het ontvangen dividend over een bepaalde periode door de relevante beleggingswaarde. Dat kan bijvoorbeeld de aankoopwaarde of de waarde aan het begin van de meetperiode zijn. Welke basis wordt gebruikt, moet duidelijk worden vermeld.

De eenvoudige formule luidt:

Dividendrendement = ontvangen dividend / gehanteerde beleggingswaarde × 100%

Voor fondsen die niet uitsluitend dividend uitkeren, is ‘uitkeringsrendement’ vaak een nauwkeuriger begrip. De berekening is vergelijkbaar:

Uitkeringsrendement = totale periodieke uitkeringen / gehanteerde beleggingswaarde × 100%

Let op dat een gepubliceerd uitkeringspercentage soms wordt berekend op basis van de actuele koers en soms op basis van eerdere uitkeringen die naar een jaar zijn omgerekend. Bij een dalende koers kan het getoonde percentage daardoor stijgen, zonder dat het uitgekeerde bedrag hoger wordt.

Koersrendement berekenen

Het koersrendement meet de verandering van de beleggingswaarde:

Koersrendement = (eindwaarde − beginwaarde) / beginwaarde × 100%

Een positieve koersontwikkeling draagt bij aan het totaalrendement. Een waardedaling vermindert het resultaat, ook wanneer er gedurende dezelfde periode aantrekkelijke uitkeringen zijn ontvangen.

Het totale beleggingsrendement

Voor een eenvoudige periode zonder tussentijdse stortingen of opnames kan het beleggingsrendement als volgt worden benaderd:

Beleggingsrendement = (eindwaarde − beginwaarde + ontvangen uitkeringen) / beginwaarde × 100%

In de praktijk kunnen timing, herbelegging, kosten, belastingen en wisselkoersen de uitkomst beïnvloeden. Voor een nauwkeurige vergelijking is het daarom belangrijk om dezelfde meetperiode en dezelfde rekenmethode te gebruiken.

Waarom een hoge uitkering kan vertekenen

Een hoog uitkeringspercentage kan aantrekkelijk lijken voor beleggers die periodiek inkomen zoeken. Toch kan het percentage zonder aanvullende context een onvolledig of zelfs vertekend beeld geven.

Een dalende koers verhoogt het percentage

Wanneer het uitgekeerde bedrag gelijk blijft maar de beurskoers daalt, loopt het berekende uitkeringsrendement op. Het hogere percentage weerspiegelt dan niet noodzakelijk betere prestaties. Het kan juist samenhangen met een afgenomen marktwaarde of verhoogde risico-inschatting.

De uitkering kan hoger zijn dan de inkomsten

Als een fonds meer uitkeert dan het uit dividend, rente en andere opbrengsten ontvangt, kan het verschil uit gerealiseerde winsten of uit het fondsvermogen komen. Dat kan tijdelijk onderdeel zijn van het uitkeringsbeleid, maar is niet onbeperkt houdbaar zonder voldoende beleggingsresultaat.

Rendement kan ten koste gaan van groei

Kapitaal dat wordt uitgekeerd, blijft niet in het fonds om te worden herbelegd. Daardoor kan het effect van samengestelde groei kleiner zijn. Voor beleggers die inkomen nodig hebben kan een periodieke uitkering passend zijn; voor beleggers die vooral vermogensgroei nastreven kan herbelegging relevanter zijn.

Kosten blijven van belang

Beheer-, transactie- en fondskosten drukken het resultaat. Bij een fonds dat in andere fondsen belegt, is het relevant om zowel de kosten van het overkoepelende fonds als die van de onderliggende beleggingen te bekijken. Transparante rapportage helpt om de uitkering en de waardeontwikkeling in de juiste context te plaatsen.

Hoe beoordelen wij inkomensfondsen?

Wij kijken niet uitsluitend naar het actuele uitkeringspercentage. Voor ons is de samenhang tussen inkomen, waardeontwikkeling en risico belangrijk. Bij de selectie en monitoring van onderliggende fondsen letten wij onder meer op:

  • de herkomst en houdbaarheid van de uitkering;
  • de ontwikkeling van de intrinsieke waarde over meerdere perioden;
  • de verhouding tussen inkomsten, uitkeringen en gerealiseerde resultaten;
  • de gebruikte beleggingsstrategie en eventuele hefboomwerking;
  • spreiding over regio’s, sectoren en beleggingscategorieën;
  • liquiditeit, kosten en kwaliteit van de fondsbeheerder;
  • gevoeligheid voor rente-, krediet-, markt- en valutarisico.

GGR Income Fund spreidt over meer dan 50 onderliggende dividend- en inkomensfondsen van ruim 35 fondsbeheerders. Daaronder bevinden zich ook institutionele fondsen die voor particuliere beleggers doorgaans niet rechtstreeks toegankelijk zijn. Deze spreiding is bedoeld om de afhankelijkheid van één fonds, strategie of beheerder te beperken. Spreiding kan risico’s verminderen, maar voorkomt verlies niet.

Onze focus ligt op periodiek inkomen, behoud van kapitaal en transparante rapportage. Behoud van kapitaal is daarbij een uitgangspunt en geen garantie: de waarde van de belegging kan fluctueren en beleggers kunnen een deel van hun inleg verliezen.

De invloed van valuta op het totaalrendement

GGR Income Fund past bewust geen valutahedge toe. Daardoor kunnen wisselkoersen het resultaat zowel positief als negatief beïnvloeden. Een onderliggend fonds kan lokaal een positief beleggingsresultaat behalen, terwijl een ongunstige beweging van de betreffende valuta het rendement in euro’s verlaagt. Het omgekeerde is eveneens mogelijk.

Valuta-afdekking kan schommelingen beperken, maar brengt ook kosten en eigen risico’s met zich mee. Door niet structureel af te dekken, accepteren wij dat valutabewegingen onderdeel zijn van het totale rendements- en risicoprofiel.

Voor beleggers betekent dit dat een vergelijking van uitkeringsrendement versus totaalrendement bij internationaal gespreide fondsen niet compleet is zonder het valuta-effect mee te nemen.

Praktische aandachtspunten voor beleggers

Wie een inkomensfonds beoordeelt, kan de volgende vragen gebruiken:

  1. Hoe wordt het uitkeringspercentage berekend? Kijk naar de gebruikte koers, periode en eventuele annualisering.
  2. Waar komt de uitkering vandaan? Maak onderscheid tussen dividend, rente, optiepremies, koerswinsten en kapitaalteruggave.
  3. Hoe ontwikkelt de intrinsieke waarde zich? Beoordeel niet alleen de kasstroom, maar ook wat er na de uitkering overblijft.
  4. Zijn kosten meegenomen? Vergelijk resultaten bij voorkeur na kosten en volgens dezelfde methode.
  5. Welke risico’s worden genomen? Denk aan markt-, rente-, krediet-, liquiditeits-, hefboom- en valutarisico.
  6. Past het uitkeringsbeleid bij het doel? Periodiek inkomen en maximale vermogensgroei zijn niet altijd dezelfde doelstelling.
  7. Over welke periode wordt vergeleken? Een korte periode kan sterk worden beïnvloed door tijdelijke marktbewegingen.

Historische rendementen en uitkeringen bieden nuttige informatie, maar zijn geen betrouwbare voorspeller van toekomstige resultaten. Ook een stabiele uitkeringshistorie betekent niet dat toekomstige uitkeringen gelijk blijven.

Wilt u meer weten over ons uitkeringsbeleid, de onderliggende spreiding en onze rapportage? Vraag dan vrijblijvend de fondsdocumentatie en aanvullende informatie aan. Beleggen brengt risico’s met zich mee: de waarde kan fluctueren, uitkeringen kunnen wijzigen en u kunt (een deel van) uw inleg verliezen.