Vastrentende beleggingen: periodiek inkomen en risico’s
Vastrentende beleggingen kunnen periodiek inkomen opleveren in de vorm van rente. Voorbeelden zijn staatsobligaties, bedrijfsobligaties, high yield obligaties en senior loans. Ook obligatiefondsen kunnen ontvangen rente periodiek uitkeren.
De term vastrentend kan een verkeerde indruk wekken. Bij een afzonderlijke lening kunnen de rentevoorwaarden vooraf vastliggen, maar daarmee staan het uiteindelijke rendement, de marktwaarde en de terugbetaling niet vast. Iedere categorie kent een eigen combinatie van kredietrisico, renterisico, liquiditeitsrisico en mogelijke koersschommelingen.
Dit artikel legt de betekenis van vastrentende beleggingen uit en geeft een breed overzicht van de belangrijkste inkomstenbronnen en risico’s. De informatie is algemeen en vormt geen persoonlijk beleggingsadvies. Beleggen kent risico’s; je kunt een deel of je volledige inleg verliezen.
Wat zijn vastrentende beleggingen?
Vastrentende beleggingen zijn doorgaans schuldbewijzen. Je leent rechtstreeks of via een fonds geld uit aan een overheid, onderneming of andere kredietnemer. In ruil daarvoor kan de kredietnemer rente betalen en de hoofdsom op een afgesproken moment terugbetalen.
Bij een traditionele obligatie zijn meestal drie onderdelen van belang:
- Nominale waarde: het bedrag dat volgens de voorwaarden op de einddatum wordt terugbetaald, mits de uitgevende instelling aan haar verplichtingen voldoet.
- Couponrente: de contractuele rente over de nominale waarde.
- Looptijd: de periode tot de overeengekomen aflossingsdatum.
De coupon is niet hetzelfde als je uiteindelijke rendement. Koop je een obligatie boven of onder de nominale waarde, dan wijkt het effectieve rendement af van de couponrente. Ook koersveranderingen, kosten, wanbetaling, vervroegde aflossing, valuta-effecten en belastingen kunnen het totaalrendement beïnvloeden.
Welke vastrentende beleggingen kunnen inkomen opleveren?
Staatsobligaties
Een staatsobligatie is een lening aan een nationale overheid. Veel staatsobligaties betalen periodiek een vaste coupon, bijvoorbeeld jaarlijks of halfjaarlijks. De kredietwaardigheid hangt af van het land dat de lening uitgeeft.
Staatsobligaties van financieel sterke landen hebben doorgaans een lager kredietrisico dan obligaties van financieel zwakkere landen of ondernemingen. Daar staat vaak een lagere rentevergoeding tegenover. Ook een overheid kan echter betalingsproblemen krijgen.
Naast kredietrisico spelen rente-, inflatie- en valutarisico een rol. Als de marktrente stijgt, daalt doorgaans de koers van bestaande obligaties met een lagere coupon. Bij obligaties in een andere munt beïnvloedt bovendien de wisselkoers het resultaat in euro’s.
Investment-grade bedrijfsobligaties
Bedrijfsobligaties worden uitgegeven om ondernemingen te financieren. Bij investment-grade obligaties beoordelen kredietbeoordelaars de kredietwaardigheid doorgaans als relatief hoog. Dat neemt het risico op betalingsproblemen niet weg, maar onderscheidt deze categorie van lager beoordeelde high yield obligaties.
De coupon ligt vaak hoger dan bij vergelijkbare staatsobligaties, omdat een onderneming extra kredietrisico meebrengt. Een verslechtering van omzet, winst of kasstromen kan de terugbetalingscapaciteit aantasten. Ook kan een lagere kredietbeoordeling tot koersverlies leiden, zelfs zolang de onderneming haar rente blijft betalen.
High yield obligaties
High yield obligaties zijn bedrijfsobligaties met een lagere kredietbeoordeling. Ze bieden doorgaans een hogere rentevergoeding als compensatie voor het grotere risico op betalingsproblemen en koersverlies.
In economisch moeilijke perioden kunnen faillissementen en wanbetalingen toenemen. Ook kunnen de koersen sterker reageren op afnemend marktvertrouwen, een verslechterende kredietkwaliteit en beperkte verhandelbaarheid. De hogere coupon moet daarom altijd in samenhang met deze risico’s worden beoordeeld.
Senior secured loans
Senior secured loans zijn bedrijfsleningen die relatief hoog in de kapitaalstructuur staan en door zekerheden kunnen zijn gedekt. Bij financiële problemen hebben deze schuldeisers in beginsel voorrang boven achtergestelde schuldeisers en aandeelhouders. De opbrengst van het onderpand is echter niet vooraf bekend en kan onvoldoende zijn om verliezen volledig op te vangen.
Deze leningen hebben vaak een variabele rente. De vergoeding beweegt dan mee met een referentierente, aangevuld met een kredietopslag. Daardoor is de rentegevoeligheid anders dan bij langlopende obligaties met een vaste coupon. Senior loans worden geregeld verstrekt aan ondernemingen met een hoger kredietrisico. Voorrang en onderpand nemen het risico op wanbetaling, koersverlies en beperkte liquiditeit niet weg.
Inflatiegerelateerde obligaties
Bij inflatiegerelateerde obligaties zijn de hoofdsom, rente-uitkering of beide gekoppeld aan een officiële inflatiemaatstaf. Daardoor kunnen ze gedeeltelijke bescherming bieden tegen oplopende inflatie.
Die bescherming is niet volledig. De gebruikte inflatie-index hoeft niet overeen te komen met jouw persoonlijke kostenstijging. Daarnaast kunnen de marktwaarde, de reële rente en de verwachtingen over toekomstige inflatie veranderen.
Obligatiefondsen en obligatie-ETF’s
Een obligatiefonds belegt in meerdere leningen. Hierdoor kan het kredietrisico worden gespreid over verschillende uitgevende instellingen, looptijden en landen. Een uitkerende fondsvariant kan ontvangen inkomsten periodiek aan beleggers doorgeven.
Anders dan een individuele obligatie heeft een fonds meestal geen vaste einddatum waarop je oorspronkelijke inleg automatisch wordt terugbetaald. De fondskoers blijft bewegen met de marktrente, kredietopslagen en de waarde van de onderliggende beleggingen. Ook kan de uitkering worden aangepast wanneer de ontvangen inkomsten veranderen.
Let bij een obligatiefonds onder meer op:
- het uitkeringsbeleid en de uitkeringsfrequentie;
- de gemiddelde kredietkwaliteit;
- de looptijden en rentegevoeligheid;
- valuta en eventuele valuta-afdekking;
- concentraties per sector of uitgevende instelling;
- lopende kosten;
- de liquiditeit van de onderliggende beleggingen.
Een periodieke uitkering bestaat bovendien niet noodzakelijk volledig uit verdiende rente. Afhankelijk van de fondsstructuur kan een deel afkomstig zijn uit gerealiseerde winst of terugbetaling van kapitaal. Raadpleeg hiervoor de fondsdocumentatie.
Periodiek inkomen is niet altijd maandelijks inkomen
Veel obligaties betalen hun coupon jaarlijks of halfjaarlijks. Andere schuldinstrumenten keren per kwartaal uit. Een maandelijkse betaling is dus geen vanzelfsprekend kenmerk van vastrentende beleggingen.
Fondsen kunnen kasstromen uit verschillende beleggingen bundelen en volgens een eigen schema uitkeren. Dat verandert de frequentie van de betaling, maar niet de onderliggende economische risico’s. Een maandelijkse uitkering betekent ook niet dat iedere maand een gelijk resultaat wordt behaald.
Je kunt afzonderlijke obligaties met uiteenlopende betaaldatums combineren om kasstromen over het jaar te spreiden. Zo’n aanpak vraagt selectie, monitoring en herbelegging. Krediet-, rente- en herbeleggingsrisico blijven daarbij bestaan.
Risico’s van vastrentende beleggingen
Kredietrisico
Kredietrisico is de kans dat een uitgevende instelling rente of aflossing niet volledig of niet op tijd betaalt. Dit risico verschilt per land, onderneming en lening. Een hogere rentevergoeding gaat vaak samen met een hoger door de markt ingeschat risico, al vormt de marktprijs geen perfecte voorspelling.
Naast een kredietbeoordeling zijn onder meer de schuldpositie, kasstromen, rangorde van de lening, convenanten en eventueel onderpand relevant.
Renterisico
Obligatiekoersen en marktrentes bewegen doorgaans in tegengestelde richting. Als de marktrente stijgt, worden bestaande obligaties met een lagere coupon relatief minder aantrekkelijk en kan hun koers dalen. Langlopende obligaties zijn doorgaans gevoeliger voor renteveranderingen dan kortlopende obligaties.
Bij een individuele obligatie die tot de einddatum wordt aangehouden, zijn tussentijdse koersbewegingen minder relevant voor de contractuele aflossing. Dit geldt alleen als de uitgevende instelling betaalt zoals afgesproken en je niet eerder hoeft te verkopen.
Herbeleggingsrisico
Ontvangen rente en aflossingen moeten mogelijk tegen een lagere marktrente worden herbelegd. Dit kan gebeuren wanneer de rente daalt of een lening vervroegd wordt afgelost. Je toekomstige inkomsten kunnen daardoor lager uitvallen.
Liquiditeitsrisico
Niet alle obligaties en leningen zijn dagelijks tegen een redelijke prijs verhandelbaar. In onrustige perioden kunnen bied- en laatprijzen verder uit elkaar liggen. Snel verkopen kan dan tot extra koersverlies leiden of tijdelijk moeilijk zijn.
Inflatie- en valutarisico
Een vaste coupon kan nominaal gelijk blijven terwijl prijzen stijgen. Het inkomen verliest dan koopkracht. Ontvang je rente in een andere valuta, dan hangt het resultaat in euro’s bovendien mede af van wisselkoersbewegingen. Valuta-afdekking kan dit risico beperken, maar brengt kosten mee en is niet altijd volledig.
Uitkeringsrisico en verlies van inleg
Bij fondsen is het belangrijk om te beoordelen waar een uitkering vandaan komt. Een gelijkmatige uitkering betekent niet automatisch dat de onderliggende inkomsten stabiel zijn. Als een fonds meer uitkeert dan het aan inkomsten en gerealiseerde resultaten beschikbaar heeft, kan een deel uit het belegde kapitaal komen. Daardoor kan de waarde van je positie afnemen.
Daarnaast kun je verlies lijden door koersdalingen, wanbetaling, gedwongen verkoop, kosten en valuta-effecten. Ook bij aanhouden tot de einddatum blijft terugbetaling afhankelijk van de betalingscapaciteit van de uitgevende instelling.
Hoe vergelijk je vastrentende beleggingen?
Beoordeel een vastrentende belegging niet uitsluitend op de coupon of actuele yield. Een hogere vergoeding kan samengaan met een langere looptijd, lagere kredietkwaliteit, achterstelling, beperkte liquiditeit of blootstelling aan vreemde valuta.
Stel bij een vergelijking ten minste de volgende vragen:
- Wie is de kredietnemer? Beoordeel de financiële positie en inkomstenbronnen.
- Waar staat de lening in de rangorde? Senior, achtergesteld, gedekt of ongedekt maakt verschil bij betalingsproblemen.
- Is de rente vast of variabel? Dit bepaalt mede de gevoeligheid voor renteveranderingen.
- Wanneer wordt rente betaald? Jaarlijks, halfjaarlijks, per kwartaal of volgens een ander schema?
- Is vervroegde aflossing mogelijk? Dit kan je inkomsten en herbeleggingsmogelijkheden beïnvloeden.
- Hoe liquide is de belegging? Beoordeel of en tegen welke mogelijke prijs je kunt verkopen.
- Waaruit bestaat de uitkering? Komt die uit rente, gerealiseerde winst of terugbetaling van kapitaal?
- Welke kosten en belastingen gelden? Deze verlagen het nettoresultaat.
- Hoe past de positie in je totale portefeuille? Spreiding kan concentratierisico beperken, maar niet uitsluiten.
Spreiding over meerdere inkomstenbronnen
Eén obligatie kan contractuele betaaldatums hebben, maar maakt je afhankelijk van één uitgevende instelling. Een fonds kan dit risico over meerdere leningen verdelen. Daar staan beheerkosten, koersbewegingen en minder controle over individuele looptijden tegenover.
Spreiding kan ook plaatsvinden over verschillende activaklassen en inkomstenbronnen. De portefeuille van GGR bestaat nadrukkelijk niet uitsluitend uit vastrentende beleggingen. GGR combineert via meer dan 50 onderliggende beleggingsfondsen, meer dan 35 fondsbeheerders en meer dan 10 activaklassen onder meer high yield obligaties en senior loans met vastgoedfondsen en Business Development Companies.
De strategie is gericht op een maandelijkse kapitaaluitkering en heeft een rendementsdoelstelling van circa 10% per jaar op jaarbasis. Deze doelstelling is geen garantie. Ook binnen een breed gespreide portefeuille blijven onder meer markt-, krediet- en liquiditeitsrisico en het risico op koersverlies of verlies van inleg bestaan. Lees meer over de uitgangspunten op onze strategie.
Veelgestelde vragen
Zijn vastrentende beleggingen hetzelfde als beleggen met een vast rendement?
Nee. Vastrentend verwijst meestal naar de contractuele rentevoorwaarden van een schuldinstrument. Je uiteindelijke rendement hangt ook af van de aankoop- en verkoopkoers, kosten, wanbetaling, inflatie, valuta-effecten en herbelegging. Bij obligatiefondsen kunnen zowel de koers als de uitkering veranderen.
Welke vastrentende beleggingen hebben doorgaans het laagste kredietrisico?
Obligaties van financieel sterke overheden gelden doorgaans als kredietwaardiger dan bedrijfsobligaties met een lage kredietbeoordeling. Dit is geen vaste regel voor ieder land, iedere valuta of iedere looptijd. Een lager kredietrisico neemt rente-, inflatie- en koersrisico niet weg.
Welke categorie biedt de hoogste periodieke rente?
Dat kan niet los van de marktomstandigheden en risico’s worden vastgesteld. High yield obligaties en leningen aan minder kredietwaardige ondernemingen bieden doorgaans een hogere vergoeding dan kredietwaardige staats- of bedrijfsobligaties. Daar staat meestal een grotere kans op wanbetaling en koersverlies tegenover.
Kun je maandelijks inkomen uit obligaties ontvangen?
Sommige fondsen keren maandelijks uit, maar individuele obligaties betalen vaak jaarlijks of halfjaarlijks. Met uiteenlopende betaaldatums of een uitkerend fonds kan een regelmatiger kasstroom ontstaan. De frequentie van de uitkering zegt niets over de hoogte of voorspelbaarheid van het totaalrendement.
Kun je je inleg verliezen met vastrentende beleggingen?
Ja. Verlies kan ontstaan door wanbetaling, koersdalingen, gedwongen verkoop, valuta-effecten, kosten of uitkeringen die deels uit kapitaal bestaan. Ook bij aanhouden tot de einddatum is terugbetaling afhankelijk van de betalingscapaciteit van de uitgevende instelling.
Tot slot
Vastrentende beleggingen kunnen een bron van periodiek inkomen zijn, maar iedere categorie heeft een andere verhouding tussen rentevergoeding, looptijd, rangorde, liquiditeit en kredietkwaliteit. Kijk daarom verder dan de coupon of uitkeringsfrequentie en beoordeel ook de herkomst en houdbaarheid van de kasstroom.
Wil je weten hoe GGR vastrentende en andere inkomstenbronnen binnen één gespreide portefeuille benadert? Bekijk dan onze strategie en de veelgestelde vragen. Controleer vóór publicatie of deze URL’s exact overeenkomen met de actuele pagina’s op de GGR-website. Beleggen kent risico’s; je kunt een deel of je volledige inleg verliezen.

